De start-up van Beveren-Kruibeke-Zwijndrecht

Gepubliceerd op 9 februari 2025 om 17:28

Sedert 1 januari 2025 heeft zich voor ons een nieuwe wereld geopend.

De fusie van Beveren -Kruibeke en Zwijndrecht heeft een nieuwe politieke ruimte gecreëerd. Als hoofdmotief geldt een grotere efficiëntie en een betere dienstverlening tav de burgers. Dat zal nog moeten bewezen worden. 

Die dienstverleningsobsessie beheerst het handelen van de burgemeester. Daarmee herleidt hij de burgers vooral tot klanten, die moeten tevreden gesteld worden. De “dienstenmarkt” in het gemeentehuis is daarvan een uitdrukking. Men zou denken hier te maken te hebben met een  “dienstenbedrijf”.

Maar is dat nu werkelijk zo belangrijk: in een heel mensenleven komt men als gewone burger een 5-tal keren in een cliëntrelatie te staan met de gemeente: bij geboorte; trouw; overlijden en hopelijk ook nog eens voor een bouwvergunning. Misschien ook nog wel eens een keer teveel als men door de bouwpolitie geterroriseerd wordt om te controleren of men bij renovatie wel  binnen de twee jaar in de verbouwing woont. Dan pas komt de ware  sociale repressieve aard van de gemeente naar boven.

Een enigszins artificieel gecreëerde gemeente heeft echter ook een “verhaal” nodig om de boel bijeen te houden.

Er is natuurlijk de traditionele managementfunctie van de gemeente om de meest uiteenlopende voorzieningen en problemen te managen en de spiraal van onverzadigbare spiraal burgerbehoeften te voldoen. 

10 Schepenen en een supervisor burgemeester zijn daarmee belast.

Maar die managementfunctie creëert nog geen wervend verhaal: verwijzen naar het roemrijke Land van Beveren is achterhaald en niet ter zake.  Hele dorpen van de nieuwe gemeente hebben nooit tot het Land van Beveren behoord.

Voor de huidige bestuursmeerderheid ligt het verhaal zo voor de hand, maar het  is ééntonig geworden: we zullen ”verbindend” moeten zijn met onze nieuwe dorpsgenoten. Een nieuwe gemeentenaar (maar geen Groot-Beverenaar) zal dus moeten opstaan.

Het wordt bijna even lachwekkend als sommige utopisten dromen  van Europese  integratie: zij willen daarvan ook het succes afmeten aan het aantal jonge gemengde koppels en huwelijken dat uit het Erasmusprogramma voortkomt. 

Gedaan dus met de endogamie en de intra-dorpse relaties. We moeten weg van onder de kerktoren en een nieuwe gemeenschap tot stand brengen.

Het verhaal klinkt oubollig en bangelijk! We kennen die verhalen uit de geschiedenis. En recent nog: vele Zwijndrechtenaren voelen zich na 100 jaar administratieve bevoogding, toch Antwerpenaar.

Zo zijn wij als burgers, toch maar het resultaat van politiek-administratieve wisselvalligheden.

Hier volgen onze eerste impressies bij het nieuwe begin.

Installatie gemeenteraad 2 januari 2024

Bij de installatie van de gemeenteraad (eedaflegging van de gemeenteraadsleden, schepenen en burgemeester), werd reikhalzend uitgekeken naar de inaugurale rede van de aangewezen burgemeester.

Voor het stroomgebied van de Schelde, dat vooralsnog geen naam vindt, is dit wellicht het historisch moment van de 21 ste eeuw.

Minder dan een wervend “yes, we can” in Obamastijl, hadden we niet verwacht.

De kern van het vertoog van Aangewezen burgemeester Van de Vijver was een citaat van Gerald Ford: “Bij elkaar komen is een begin, bij elkaar blijven is vooruitgang, met elkaar samenwerken is succes”.

Weinig overtuigend, noch inspirerend. Want wie was Ford? 

Onverkozen  President van de Verenigde staten (1974-1977), in opvolging van Nixon die moest opstappen wegens corruptie (Watergate schandaal, 1973). Republikeins conservatief.

Verloor de verkiezingen tegen Carter (democraat) in 1976.

Er moeten toch meer begeesterende en hoogstaander speechen bestaan om uit te citeren. Ter herinnering: Ford vond dat de VS onvoldoende inspanningen leverden tijdens de Vietnam-oorlog (eerste helft jaren zeventig). Ook zeer controversieel: schonk gratie aan Nixon tijdens zijn presidentschap).

Van de Vijver moet wel betere vrienden leren kiezen!

Het Ford-citaat is zo banaal dat het zelfs niet goed genoeg is om een huwelijk of samenlevingscontract te bezegelen.

De raadzaal - een schilderijententoonstelling

In een nieuw gemeentehuis met prijskaartje van ongeveer 50 miljoen euro, mag men als burger verwachten dat de Raadzaal, toch het heilige der heilige, waar de democratische beslissingen worden genomen, een architecturaal hoogstandje zou zijn. Volgens oorspronkelijke raming zou deze zaal om en bij de 700.000 euro kosten. Daarmee de duurste en grootste raadzaal van het land naar het schijnt, maar verre van de mooiste. Het blijft een louter functionele, lang uitgerekte zaal met een cirkante (een vierkant dat een cirkel moet voorstellen) vergadertafel waarrond zowel raadsleden, schepencollege en burgemeester gezapig zetelen, evenals de Voorzitter van de Raad en de gemeentesecretaris (de algemeen directeur). Geen enkele symboliek, geen referentie aan de historische bronnen (en elementaire vormen)  van de democratie: de agora (Griekse democratie)  of het forum (Romeinse democratie) als politieke ontmoetingsplek  en plaats van politiek democratisch debat.

In het ander uiterste van de zaal is er een auditorium voorzien. Vanop het uilenkot ziet men in de verte een lichtbak (het powerpointscherm, met wat er op die dag op de agenda staat, alsof we dat nog niet wisten) en daaronder gezeten, de Raad.

Conceptueel een gemiste kans om de verschillende functies in de gemeenteraad ook architecturaal te vertalen. Zo zou het onderscheid tussen de raadsleden (regelgevende macht) en het schepencollege (uitvoerende macht) ruimtelijk moeten beklemtoond worden. Het schepencollege is in principe ondergeschikt aan de Raad en hieraan verantwoording verschuldigd (verwezen zij naar de recente beleidsnota van de Vlaamse Minister van Binnenlands Bestuur, ter versterking van de gemeenteraad). De Voorzitter van de Gemeenteraad en de Secretaris vormen daarbij de bemiddelende en modererende functie en moeten in feite tussen beide groepen zitten. 

Van enige burgernabijheid is in deze opstelling nauwelijks sprake. Men herkent van ver niet eens de leden. Een auditorium is geen voetbaltribune!

Het auditorium had rondom de Raad moeten gebouwd zijn. Ruimtelijk zou dit Forum – concept, er als volgt kunnen uitzien:

De aankleding van de raadzaal met kunstwerken is totaal betekenisloos en a-historisch. Het is een povere schilderijententoonstelling, maar zeker niet deze die door Moessorgski in zijn suite wordt geëvoceerd. Aan de ene zijde hangt boven een deur een levensgroot schilderij van Leopold I. (Normaal zou je daarmee toch op manshoogte willen geconfronteerd worden). Daaronder een staatsiefoto van Koning Filip en Mathilde. Belgicistischer kan het niet. En dat in een bestuursmeerderheid met de NVA! Het is alsof de geschiedenis al decennia lang stilstaat. Sinds de 4de Staatshervorming van 1993, is de voogdij over de gemeenten volledig overgedragen aan de Gewesten. De Vlaamse regering werd derhalve volledig bevoegd voor toezicht en ondersteuning van de gemeenten in Vlaanderen. Deze hervorming heeft geleid tot de versterking van de regionale autonomie in België.

Enige referentie aan heroïsche Vlaamse vrijheidsstrijders en gebeurtenissen  (gedoseerd weliswaar) zou wel op zijn plaats zijn. Vlaamse onafhankelijkheidsmythes werken verbindend!

Aan de andere kant van de zaal hangt het gekende schilderij “De brand van Beveren” (1651) van een ongekend schilder (gedocumenteerd door Drieghe en Andries, Kunstmo(nu)menten, 2019, p. 170-171).     

Hoe kan dit werk de gemeenschappelijke geschiedenis (als die er al was /is) van de nieuwe fusiegemeente samenvatten?

Een voorstel: elke oorspronkelijke deelgemeente BKZ, leent een relevant schilderij of kunstwerk uit om ergens toch gemeenschappelijke raakpunten te vinden en waarin zelfs ook de gemeenteraadsleden zich kunnen herkennen. 

Zo zou het schilderij ”Diogenes zoekt een rechtvaardig man”,  (Henri de Caisne, 1799-1852, vertegenwoordiger van de Belgische romantiek) dat jarenlang de schouw in de Melseelse raadzaal sierde, bijzonder passend zijn. 

(Zie eveneens:  Drieghe en Andries, o.c. 2019, p. 199) 

Onze vroede burgervaders van weleer hebben dit schilderij destijds zeker heel bewust gekozen om de Raadsleden een universele morele spiegel voor te houden. Er kan niet genoeg herinnerd worden aan het rechtvaardigheidsprincipe als ultiem doel van democratie.

 

Toch even het klassiek geheugen opfrissen: Diogenes (404-323 voor Christus) was in de Atheense stadsstaat de onverbeterlijke dwarsligger: op alle politieke beslissingen had hij kritiek vanuit zijn rechtvaardigheidsgevoel. Hij was permanent waakzaam (vandaag zou hij misschien “woke” zijn). Hij behoorde tot de school van de cynici (zoals ook Socrates) (Kynikos = Grieks voor honds), die als honden, waken over de publieke zaak. Het woord cynisme is daarvan afgeleid. Cynisme is in oorsprong dus zeer constructief (Zie: Kuin, I.N.I., Diogenes, leven en denken van een autonome geest, Athenaeum, 2022). Deze blog is van dit constructief cynisme geheel en al doordrongen. 

Ander voorstel: een consortium van lokale kunstenaars zou de opdracht krijgen de Raadzaal te verfraaien met een collectief kunstwerk. Ooit is op het niveau van het Vlaams Gewest toch gesteld dat een nieuw openbaar gebouw zou moeten  opgefleurd worden met een kunstwerk ten bedrage van 1 % van de kostprijs van het gebouw.

Kunstenaars aller dorpen, verenig u!

Dagelijks bestuur

Het politiek gevoeligste punt van de tweede gemeenteraad (14 januari 2024) was de vaststelling van de uitgavendrempel voor het Schepencollege, zonder  dat dit bedrag moet worden  voorgelegd aan de gemeenteraad.

Dit bedrag werd vastgelegd op 500.000 euro. Er is  een delegatie nodig aan het Schepencollege  om het “dagelijks bestuur” mogelijk te maken.  Dagelijks beleid voeren wordt onwerkbaar wanneer men voor het “minste” de gemeenteraad moet passeren.  

Het bedrag werd verantwoord op basis van het vroeger vastgelegde bedrag in Zwijndrecht. 143.000 euro was het bedrag dat wettelijk toegestaan was om een onderhandse aanbesteding te kunnen doen zonder de gemeenteraad te consulteren. Dat kwam neer op 7,5 euro per inwoner.

Dit cijfer werd nu toegepast op de globale bevolking. (87.000 x 7,5=652.000 euro). Het bedrag werd afgerond naar beneden toe op 500.000 euro.

Megalomaan. Dat was de mening van de oppositie. 

Kritiek werd geleverd op het ongepast uitgavencriterium per inwoner. Op het niveau van het Vlaams gewest zou het vrijgesteld bedrag dan 7,5 x 6 miljoen inwoners bedragen (45 miljoen euro). Totaal inadequaat, aldus raadslid Stassen (Groen). 

De oppositie voelt zich dus buitenspel gezet. Burgemeester Van de Vijver refereert naar Antwerpen waar dit bedrag is vastgesteld op 5 miljoen euro (Antwerpen telt wel 500.000 inwoners. Dat is dan 10 euro per inwoner).

Duidelijk is wel dat het criterium per inwoner inadequaat is. Een projectmatige verantwoording is aangewezen. Er moeten toch concrete situaties kunnen aangegeven worden, die een hoogdringende investering vereisen, los van een theoretisch vooropgesteld bedrag.

Een redelijker voorstel zou geweest zijn het bestaande wettelijke bedrag te verdubbelen aangezien de gemeente qua inwonertal verdubbeld is. (300.000 euro dus). Een ander mogelijk criterium is een bepaald percentage tov de globale begroting.

Opvallend is wel dat er enige frictie is binnen de meerderheid. Raadslid Denert,  NVA-meerderheid) steunde het amendement (dat weliswaar niet bij het Ontwerpbesluitenbundel gevoegd is) van Groen. Een schepen van NVA heeft nu het bedrag mee goedgekeurd, terwijl hij zich destijds in Zwijndrecht had verzet tegen het redelijke bedrag van 143.000 euro. Dat zal dus voortschrijdend inzicht zijn.

Burgemeester Van de Vijver engageert zich om desondanks, gevoelige politieke dossiers, toch voor te leggen aan de gemeenteraad. Maar wie bepaalt wat een politiek gevoelig dossier is?(paternalistisch! aldus raadslid Vervaet- Groen).

Na een half jaar zal de beslissing geëvalueerd worden, zo belooft de burgemeester. Vergelijkingen met andere gemeenten kunnen dan worden gemaakt.

Eigenlijk had dit nu al moeten gebeuren. Het huiswerk werd niet gemaakt.

Vraag die men zich kan stellen: wat koopt men nog voor 500.000 euro? Enige voorbeelden zouden dit voorgesteld bedrag kunnen verantwoorden of verwerpen. De aanleg van een voetbalterrein met kunstgras kost bvb al 500.000 euro (cfr. Melsele).

Vergeleken met de omslachtige procedure om het verenigingsleven te subsidiëren lijkt dergelijk bedrag disproportioneel. Het aantal socio-culturele verenigingen in BKZ kan geraamd worden op een 400-tal.(terloops: het inventarisatieverslag ter voorbereiding van de fusie vermeldt niet eens het aantal socio-culturele verenigingen in de kandidaat fusiegemeenten. Een belangrijk tekort!)

Veronderstel dat het gemiddeld subsidiebedrag 1000 euro  bedraagt dan komen we aan een bedrag van 400.000 euro. Maar de administratieve last voor de verenigingen is bijzonder omslachtig.

 

Met het oog op de transparantie en begrijpelijkheid van het voorstel ten behoeve van de gewone burgers, zou de inhoudelijke toelichting de motivering van het voorgestelde bedrag moeten bevatten evenals de wijze waarop men tot een dergelijk bedrag komt. Dat houdt ook in dat de toelichting de vergelijking moet omvatten van dit “vrijgestelde” bedrag in andere vergelijkbare gemeenten. Motivering van de bestuurshandeling!

Dit geldt trouwens voor alle casussen.

 

Voor  een visueel verslag, zie: https://www.beveren.notubiz.begoogle.be

Een beknopt verslag van de gemeenteraad wordt gegeven door André Hauman, op de Facebookgroep Nieuws en geruchten uit Kruibeke.

Nog eens over de opkomst

De opkomstcijfers bij de gemeenteraadsverkiezingen (oktober 2024) laten ons niet los.

Zij zijn toch een indicatie van de algemeen maatschappelijke betrokkenheid.

De opkomst voor BKZ lag heel wat lager dan op het Vlaamse niveau (60 % in BKZ – 63,6 % op Vlaams niveau).

Wij zochten naar de verklarende factoren hiervan, door het opkomstpercentage te koppelen aan drie factoren, waarvan de cijfers , op het niveau van de drie oorspronkelijke deelgemeenten, beschikbaar zijn (Vlaamse Gemeenschap, Gemeentemonitor 2023). Zo werd het opkomstpercentage vergeleken met de factoren “vertrouwen in het gemeentebestuur”; “geluksgevoel”; “tevredenheid over de gemeente”. (reeds besproken in eerder blogbericht).

De resultaten worden gevisualiseerd in onderstaande grafiek.

Vooreerst moet worden vastgesteld dat de opkomst het laagst is (nauwelijks 50 %) in Zwijndrecht. Begrijpelijk omwille van het fusieverzet. Kruibeke haalt de hoogste opkomst (bijna 70 %) terwijl Beveren iets meer dan 60 % haalt. De politiek-maatschappelijke betrokkenheid is dus het hoogst in Kruibeke.

Men zou  kunnen vermoeden dat het “wantrouwen” in het gemeentebestuur , in grote mate het opkomstpercentage verklaart.  Maar de casus Kruibeke toont precies het omgekeerde. Het wantrouwen (laag vertrouwen) is hier het grootst, terwijl de maatschappelijke betrokkenheid ook het grootst is.

In geen enkele deelgemeente staat het opkomstcijfer in verhouding tot  het “vertrouwen”. Overal is het vertrouwen veel lager dan het opkomstcijfer. Er lijkt dus geen verband te bestaan tussen beide factoren. Of misschien juist wel: het lage vertrouwen kan een aansporing zijn om toch te komen stemmen en het beleid in een andere richting te sturen, zoals de casus Kruibeke aantoont. Er is dus geen tegenstelling. Laten we dit fenomeen dus maar de “wantrouwensparadox” noemen.

De factoren “geluksgevoel” en “tevredenheid over de gemeente” steken anderzijds ver uit boven het opkomstcijfer.

Ook hier is er dus geen verband. 

Het blijft dus hopeloos zoeken naar de verklarende factoren voor de lage opkomst. Misschien spelen werkonzekerheid, relatieve inkomensonzekerheid, … een belangrijke rol. Op Vlaams niveau werd vastgesteld dat de opkomst lager lag bij vrouwen en jongeren.

Spijtig genoeg bestaan hierover geen gegevens op het niveau van de deelgemeenten. Het is wachten op meer adequate cijfers van 2026 (nieuwe gemeentemonitor) .

 

HDH, 24/1/2025

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.